Condooms geschiedenis
Alles was vroeger beter….. of niet? Ongewenste gevolgen van seksueel contact zijn van alle tijden, maar daadwerkelijke effectieve en redelijk comfortabele middelen om deze te voorkomen bestaan nog maar betrekkelijk kort. Een uiterst dunne latex condooms van de laatste jaren vergelijkt zich maar moeilijk met het zeer fantasierijke maar nogal effectarme knutselwerk van onze voorouders. De condoomgebruiker van tegenwoordig is toch wel een bevoorrecht mens.
Waar komt het woord condoom vandaan?
Na enig speurwerk naar de vroegste creaties van iets dat als condoom kan zijn bedoeld stuiten we op de vraag naar de herkomst van het woord. Fransen en Engelsen, toch niet geheel wereldvreemd van chauvinisme, eisen de aan hen toegeschreven uitvinding dit keer eens niet voor zichzelf op. Zij schuiven deze elkaar maar al te graag in de schoenen. Condoom zou een Frans woord zijn, afkomstig van het Latijnse werkwoord condomare, wat vrij vertaald temmen of intomen betekent. Ook condormire (samen slapen) lijkt als beginsel in aanmerking te komen. De Engelsen spreken van een ‘French letter’.
De eerste duidelijke beschrijvingen dateren uit het begin van de 18de eeuw. In diverse geschreven verhalen uit die tijd wordt de uitvinding toegeschreven aan een zekere Dr. Condom, de lijfarts van Charles II, die zijn regeeractiviteiten paarde met vele seksuele actviteiten. Dr. Condom zou voor zijn uitvinding zelfs in de adelstand zijn verheven. In biografieën over de seksueel actieve vorst is echter in de verste verte geen Dr. Condom te vinden. Toch beschouwen de Fransen het condoom als een Engelse uitvinding. Zij doen dit in navolging van de 18de eeuwse Italiaanse vrouwenjager Casanova. Hij noemde het condoom een “redingote anglaise”, een Engelse overjas. Meer ingeburgerd is de “chapeau anglaise”, de Engelse hoed.
In Nederlands heten condooms kapotjes, vanwege hun vroegere gelijkenis met de ‘kapotjas’, een soldatenjas, bestaande uit een grote mantel met kap. Het woord condoom is sinds 1979 wettelijk vastgelegd. In het besluit Rubber condomen wordt het gedefinieerd als ‘een voorwerp, naar zijn aard bestemd om over het mannelijk lid te worden geschoven teneinde bevruchting of infectie bij geslachtsgemeenschap te voorkomen.’
De stamvader
Soortgelijken van condooms die om de penis van de man worden geschoven, zijn al eeuwenlang in gebruik voor uiteenlopende doeleinden. Zij zijn gebruikt uit schaamtegevoel, maar daarentegen ook wel als onderscheidingsteken, als teken van rang of als amulet. Belangrijker is toch wel de toepassing als anticonceptiemiddel en beschermer tegen geslachtsziekten en andere infectieziekten, zoals bilharzia en reacties op insectensteken. Zo gebruikten de Zoeloes aan het begin van de 20ste eeuw een soort condoom, bestaande uit een korfje van dichtgevlochten stro, om te verhinderen dat micro-organismen, die volgens hen bilharzia veroorzaakten, de plasbuis zouden binnendringen tijdens het baden in een rivier. Ook de condooms die op oude Egyptische beelden uit de 19de dynastie en uit de tijd van Cleopatra zijn gevonden, hadden mogelijk een beschermende functie tegen bilharzia. Er wordt ook wel aangenomen dat men het condoom in die tijd gebruikte om de door bilharzia misvormde penis te verbergen of te beschermen. Eeuwenlang is het stil rond het condoom, tot het begin 16de eeuw weer opdoemt. De Italiaanse patholooganatoom Girolama Fracastoro (1478-1553) adviseert in zijn wereldberoemde publikatie over syfilis als voorbehoedmiddel hiertegen een in zout- of kruidenoplossing gedrenkt linnen zakje, dat over de penis wordt geschoven. In de 17de eeuw is de fabricage van het condoom, vervaardigd uit zeer fijne membranen van de blinde darm van jonge schapen, voornamelijk in Franse handen. In de 18de eeuw wordt het internationale handelscentrum verlegd naar Londen.
Rubber: de Revolutie
Het jaar van de condoom was toch wel 1839; Goodyear drenkt dan rubber in een bad van gesmolten zwavel, waardoor het veel minder gevoelig wordt voor temperatuursinvloeden en niet meer kleeft. Door deze zogenoemde vulcanisatie was nu de laatste blokkade weggenomen voor de productie van rubber condooms. Londen blijft de wereldmarkt leiden. De achterkamer van de tabakswinkel, waar aan het begin van de 20ste eeuw rubber condooms werden vervaardigd, groeide uit tot een wereldconcern: de London Rubber Company, die in Nederland jaarlijks 25 miljoen condooms afzette.
Toekomstverwachtingen
Hoe zullen condooms en het gebruik ervan zich verder ontwikkelen in de toekomst? Voor Femidom, het vrouwencondoom, nu enkele jaren op de Nederlandse markt, is er inmiddels een kleine, maar constante groep gebruiksters die langzaam toeneemt. Voor anaal gebruik komen er steeds betere (en dunnere) condooms beschikbaar. Er is onderzoek gedaan naar de verschillen in omtrek van penissen, om na te gaan welke maten aan de reguliere moeten worden toegevoegd. Hoewel het gebruik nog niet sterk groeit wordt het condoom wel steeds meer gemeengoed, in de zin dat wij er steeds minder vreemd tegenaan gaan kijken. Vooral onder (schoolgaande)  jongeren is er de laatste jaren veel aandacht aan besteed en het ziet ernaar uit dat het grote aantal voorstanders van dit voorbehoedmiddel onder hen de komende jaren een belangrijke impuls zal gaan geven. Als laatste is er de Europese eenwording, waardoor het aanbod nog groter en gevarieerder zal worden en Europese normen een nog betere garantie kunnen vormen voor een betrouwbaar product. Hopelijk zal het beter gaan met de verkrijgbaarheid van condooms.  Misschien dat er ook minder blokkades in de weg staan voor het plaatsen van condoomautomaten in scholen. Van het condoom is inmiddels toch wel aangetoond dat het een te belangrijke barrièremethode is tegen riskante infecties om nog langer zulke barrières tegen op te werpen.